Tijdslijn 1944-1945

Vrijdag 21 januari 1944

s Avonds omstreeks 7.00 uur vallen er bommen aan de Bandijk ter hoogte van Huize ‘De Röboll’. Eén ervan belandt onder aan de dijk in de tuin van ‘De Röboll’. Een juist passerende jongen op een bakfiets van de Deventer Firma Zandvliet wordt getroffen. Dokter Bos, wonende in de Dahliastraat, verleent nog eerste hulp, maar zijn hulp komt te laat. Een Amerikaanse bommenwerper had op 02-02-1944 uit nood zijn bommen afgeworpen waardoor onder meer De Hazelt werd verwoest. Een boerderijtje in de buurt werd ook beschadigd. Met stro werd het dak een beetje opgeknapt, zodat het dienst kon doen als onderduikadres voor mens en dier. Op 11 april 1945 werd het door de Canadezen in brand geschoten. Hierbij kwamen drie ondergedoken paarden om.  

Vrijdag 21 januari 1944

Dinsdag 22 februari 1944 

 ‘s Middags omstreeks 13.00 uur laat een op drift geraakte Amerikaanse bommenwerper zijn bommenlast, bestaande uit fosforbommen, los boven het gebied Terwoldseweg - Meermuidenseweg. De boerderij ‘De Hazelt’ wordt getroffen en brandt af. De vrouw des huizes komt hierbij om het leven. Het huis van de familie Pannekoek wordt zwaar beschadigd. Andere huizen en boerderijen lopen eveneens schade op, waaronder de dienstwoning op het kerkhof aan de Terwoldseweg. De bommen vallen tot het op het land van het buitentje ‘De Boskamp’ van de familie Bril en slaan grote gaten in de grond, die later door de Heidemaatschappij gedicht worden.   

 Vrijdag 6 oktober 1944  

‘s Morgens half negen, aanval van vier vliegtuigen met raketbommen en boordwapens op stilstaande trein tussen Penninkslaantje en Domineestraat.  Een slachtoffer, namelijk een Duitse spoorwegbeambte. De trein werd niet geraakt. Het huis der familie Kok werd beschadigd. Verder veel glas- en pannenschade, vooral aan de Rijksstraatweg. 

 Vrijdag 6 oktober 1944  

 Woensdag 18 oktober 1944 

‘s Morgens kwart voor negen, zware aanval op de spoorbaan door zeven bommenwerpers, in het centrum van Twello. De spoorbaan werd niet geraakt, doch de fabrieksgebouwen van de Fa. Zendijk, Twellose exportslagerij, kregen twee voltreffers. Dit eiste vier slachtoffers, namelijk D. Nieuwenhuis, G. Witteveen, H. Kers en W. Willems. Reddingspogingen in de door ammoniakgas gevulde fabrieksgebouwen gingen zeer moeilijk. De arbeider Gerritsen van de Fa. Zendijk werd niet ernstig gewond. Zeer zware schade aan de fabriek van de Fa. Zendijk. Glas- en pannenschade aan de Stationsstraat en Duistervoordscheweg. Eveneens aan de Klokkenkampsweg, de Dorpsstraat en langs de spoorbaan. De bommen kwamen zeer verspreid terecht, zelfs tot aan de blauwe schuur achter Hunderen. Op hetzelfde tijdstip vond een bominslag plaats aan de Rijksstraatweg, alwaar een vrouw dodelijk werd getroffen. Ook hier werden huizen en de omgeving zwaar beschadigd, o.a. het huis van mejuffrouw Tenkink, dames Te Velde, familie Franssen, huize ‘Groot Bijvanck’ en het gebouwtje van de Vrijzinnig Hervormde Gemeente aan de Binnenweg.   

Zaterdag 21 oktober 1944 

‘s Middags half twaalf, aanval met zware bommen op de spoorlijn. De lijn Deventer - Apeldoorn kreeg twee voltreffers. Achttien meter rails werden weggeslagen. Geen slachtoffers, hoewel de exportslagerij opnieuw drie voltreffers kreeg. Gelukkig waren de arbeiders naar de begrafenis van hun collega’s en was de fabriek vrijwel geheel verlaten. Zware schade ontstond aan de Stationsstraat, waar het huis van de familie Westerweel vrijwel geheel werd vernield en talrijke huizen zware schade opliepen. Ook op de Veldjes werd door twee bommen veel schade aangericht.  

Zaterdag 21 oktober 1944 

Zaterdag 28 oktober 1944 

‘s Morgens kwart over negen, aanval van acht jachtbommenwerpers op de spoorbaan en station. Twee treffers verwoestten het station. Geen persoonlijke ongelukken, doordat vrijwel alle mensen van de spoorlijn wegtrokken. Zware schade aan huizen op het Stationsplein en omgeving, onder andere huize ‘Villa Nova’, waar een beukeboom in de voortuin geraakt werd en omviel. Bovendien kwam in een der slaapkamers een plafond naar beneden waarbij de nog slapende eigenaar, de heer Hogeboezem, gewond raakte. Een houten loods van de Duitse Wehrmacht langs de spoorlijn werd verwoest. Een der aanvallende Engelse vliegtuigen werd door het afweergeschut aan de Terwoldseweg getroffen en stortte brandend neer op ’Het Holthuis’. De piloot, een Canadees, kon zich niet meer redden. Men vond hem dood in de Holthuizerstraat. Ook hier ontstond veel schade door bommen.    

 Woensdag 1 november 1944

 ‘s Avonds kwart voor acht, aanval van twee Amerikaanse jagers op een aantal lege spoorwagons staande langs het Molenveld. Bij heldere maneschijn werd eerst één zware bom geworpen. Vervolgens werden lichtkogels neergelaten en met boordwapens vier maal een zwaar salvo afgegeven. De wagons werden licht beschadigd, maar de huizen in de Molenstraat doorzeefd met projectielen van zwaar kaliber. Van de familie Heuvel werden de vader en de zoon door ontploffing van projectielen getroffen. Beide slachtoffers zijn, na de eerste hulp te hebben verleend, naar het ziekenhuis te Deventer getransporteerd door de heren Nijhuis en Demmers. Twee dagen later is de zoon aan zijn verwondingen overleden. De heer Heuvel sr. was niet levensgevaarlijk gewond.   

 Woensdag 1 november 1944

Maandag 5 november 1944

‘s Morgens half tien, aanval door vier Amerikaanse toestellen op de spoorlijn, maar nu buiten het centrum van Twello, namelijk bij Hurenkamp op het Hartelaar. De lijn werd door drie voltreffers vernield, slechts één paard werd gedood. ‘s Morgens half elf werd, bij een poging om opnieuw de spoorlijn aan te vallen, een Amerikaanse jachtbommenwerper door afweergeschut neergehaald. Het brandende toestel kwam terecht achter Groothedde in de Basseltlaan. Er deden zich geen persoonlijke ongelukken voor. De piloot sprong er uit en kwam aan zijn parachute op de Rijksstraatweg terecht, alwaar hij gevangen werd genomen. 

Zaterdag 11 november 1944

Drie gevallen op één dag. ‘s Morgens half elf, aanval van zeven Amerikaanse toestellen op spoorlijn en lege wagons staande aan het Molenveld. Zestien bommen werden afgeworpen. De trein werd niet geraakt en gelukkig vielen er ook geen slachtoffers. De materiële schade was echter zeer aanzienlijk; o.a. werd getroffen de maalderij van de R.K. Boerenbond, die door twee voltreffers totaal werd vernield. Ook tal van huizen in de Molenstraat liepen ernstige schade op. ‘s Middags om twee uur opnieuw een aanval door vier toestellen in dezelfde omgeving. Nu vielen de bommen, die van zwaar kaliber waren, nog verder van hun doel en kwamen terecht op het Molenveld, het Voorwaartsterrein bij de molen van Fakkert en in het Havekespaadje. Het mag een wonder heten, dat er nu nog geen slachtoffers vielen. De bommen kwamen overal tussen de huizen terecht. De mensen in die buurt hadden trouwens voorzorgsmaatregelen genomen en vertoefden grotendeels in de kelder. Tot zelfs in de Wilpse Achterhoek nabij de ‘Holthoeve’ kwamen drie bommen terecht. In de Molenstraat bleef vrijwel geen huis onbeschadigd. ‘s Middags 3 uur, nog een aanval door twee vliegtuigen en nu werd eindelijk de spoorbaan geraakt langs de Burgemeester v.d. Feltzweg tussen de Dernhorstlaan en de Dijk. Geen slachtoffers, wel glas- en pannenschade. Een onrustige dag werd hiermee afgesloten. Ongeveer 35 bommen werden geworpen voordat de spoorbaan beschadigd was.

Zaterdag 11 november 1944

Zaterdag 18 november 1944

Aanval met boordwapens door vier Engelse vliegtuigen op een Duitse goederentrein, even voorbij het Hartelaar, op de grens van Teuge en Twello. De locomotief werd vernield en drie personen werden gewond: een Hollander en twee Duitse spoorwegbeambten. De gewonden werden door de Twellose Luchtbeschermingsdienst geholpen en naar het Kriegslazaret te Apeldoorn vervoerd, alwaar de heren J. Demmers en E.J.G. Nijhuis, die de gewonden naar Apeldoorn vervoerden en begeleidden, een compliment ontvingen van een Duitse militaire arts.

December 1944:

Op de hoek Oude Binnenweg - Burg. van der Feltzweg valt een V-1, die niet ontploft, na eerst rakelings over het dak van het perceel Dernhorstlaan 4, bewoond door de familie W.J. Flierman, gevlogen te zijn. Op last van de Duitsers openen de omwonenden de ramen, omdat de V-1 tot ontploffing wordt gebracht. In eerste instantie gebeurt er niets. Als de V-1 dan toch ontploft zijn de omwonenden niet voorbereid en sneuvelen er vele ruiten.

December 1944:

Maandag 25 december 1944 Eerste Kerstdag:

Terwijl de familie Te Riele, wonende op de boerderij ‘De Hoge Zonnenberg’, gelegen aan de Zonnenbergstraat 40, van een bescheiden kerstmaal geniet in de voorkamer (de zogenoemde ‘zondagse kamer’) van hun huis, laat een, door een Duitse jager nagezeten geallieerde bommenwerper één van zijn benzinetanks op het land achter de boerderij vallen. Zonder dat de familie Te Riele hiervan iets bemerkt snellen buurtbewoners met kannen en vaten tegemoet om de benzine af te tappen. De Duitsers hebben van het voorval intussen lucht gekregen en verschijnen aan het eind van de middag op de boerderij van de familie Te Riele en arresteren vader Jan te Riele en zijn tweede zoon Hein en brengen hen in eerste instantie naar het oude gemeentehuis voor een eerste verhoor, waarna beide mannen in de in het souterrain gelegen cellen worden opgesloten. Ze moeten er de nacht doorbrengen en de volgende dag worden ze naar huize Kruisvoorde overgebracht voor verder verhoor. Op huize Kruisvoorde zetelt de ortscommandant van Twello, Feldbecke. De verbijsterde familieleden laten het er ondertussen niet bij zitten en beramen een plan. Moeder Te Riele en haar dochter Mientje besluiten om naar huize Kruisvoorde te gaan om man, vader en zoon/broer vrij te krijgen. Daar aangekomen worden ze door Ortscommandant Feldbecke ontvangen. Hoewel hij niet onbeminnelijk was, (hij was Wehrmachtsofficier en geen Nazi) gaat hij aanvankelijk op het bidden en smeken van moeder en dochter niet in. Nadat deze echter letterlijk voor hem een knieval maken begint hij van gedachten te veranderen. Hij besluit vader en zoon nogmaals te verhoren en komt tot de conclusie dat beiden met het voorval niets te maken hebben. Beide mannen worden vrijgelaten en keren ‘s avonds in de huiselijke kring terug. Geschrokken door het optreden van de Duitsers tegen de familie Te Riele, besluiten de buren alsnog de benzine in te leveren. Hun fietsen raken ze hierbij echter kwijt, daar deze door de Duitsers in beslag worden genomen. 

Februari 1945:

V-1 neergeploft en ontploft in een weiland nabij enige boerderijen in de Wilpse Achterhoek. Gewonden waren: Veldhoen: glasscherven, pols gewond, gewone bloeding( geen glas in) stevig verband aangelegd. Bussink : Kinderen lichte glasscherfwonden aan handen en vingers, vuiltje in het oog. Stevig verbonden, oog gespoeld met boorwater (onbeduidend). Velderman: Oude vrouw arm en hand gewond, weinig bloedend. Stevig verbonden. Jongen klein hoofdwondje in het haar, onbeduidend, niets aan gedaan, daar het niet meer bloedde. Klunder : Meisje been en knie geblesseerd door de luchtdruk. Rust voorgeschreven. Geen dokter. Donderdag 1 februari 1945 op vrijdag 2 februari 1945: ‘s Nachts om kwart over vier. Een Engels of een Amerikaans toestel wierp twee bommen aan de Rijksstraatweg, achter het huis van D. Horstman. Geen persoonlijke ongelukken, veel glas- en pannenschade. 

Februari 1945:

Dinsdag 6 februari 1945:

Aanval door ongeveer zestig Amerikaanse bommenwerpers op de IJsselbruggen voor Deventer. Hierbij kwamen ook bommen op de grens van Twello terecht. Een neergeschoten vliegtuig ontplofte op de Twelloseweg, vlak voor Deventer, waardoor grote verwoesting werd aangericht. Ook op de Steenenkamer (gem. Voorst), kwamen talrijke bommen neer, veel schade en een lichtgewonde. De Twellose Luchtbeschermingsdienst en Geneeskundige Dienst rukten hiervoor uit en verleenden hulp en daarna naar Deventer om assistentie te verlenen.

Zaterdag 10 februari 1945:

‘s Middags half vier, aanval door twee Amerikaanse bommenwerpers op de spoorbaan tussen Twello en Teuge. De bommen troffen geen doel, maar op het Molenveld vielen slachtoffers en werden huizen vernield. Een slachtoffer werd door een bomscherf zwaar gewond. Zijn zoon werd door glassplinters in het oog eveneens zwaar gekwetst. Snelle hulp van dokter en luchtbescherming die beide gewonden naar het ziekenhuis in Deventer vervoerde. De vader bezweek nog diezelfde avond aan de bekomen verwondingen. Drie woningen op het Molenveld, van Wijn, Timmermans en Bokkert waren door verwoesting onbewoonbaar.

Zaterdag 10 februari 1945:

Zondagnacht 11 februari 1945

Een geallieerd verkenningsvliegtuig zette ‘s nachts om half drie twee lichtkogels uit en liet een bom vallen met het doel blijkbaar de spoorbaan te treffen. De bom kwam echter in de weide tussen Mulder en Koerkamp op Teuge terecht zonder ongelukken te veroorzaken.

Woensdag 14 februari 1945

Beschieting door twee Engelse vliegtuigen op een particuliere tankauto in gebruik bij de voedselvoorziening op Duistervoorde, dichtbij de fabriek van Linthorst. De auto werd vernield, geen persoonlijke ongelukken.

Woensdag 14 februari 1945

Zondag 18 maart 1945

‘s Middags 6 uur, aanval met vier Tyfoons jachtbommenwerpers op het landgoed ‘De Dijkhof’ dat bezet was door de Wehrmacht. De villa werd getroffen en zwaar beschadigd. Onder de militairen vielen doden en gewonden. Burgers werden niet getroffen.

Vrijdag 30 maart 1945

‘s Middags half drie, aanval door twee Amerikaanse jachtbommenwerpers op de spoorbaan tussen Teuge en Twello. De spoorbaan werd niet vernield. Ook geen persoonlijke ongelukken.

Vrijdag 30 maart 1945

Zaterdag 7 april 1945

‘s Middags verschillende aanvallen van Tyfoons, vermoedelijk op afweergeschut en stellingen aan de grens van Twello bij Terwolde en Deventer. Raketbommen kwamen terecht bij Kuttschrütter op de Terwoldseweg en bij de school aan de Wilpse Dijk. Geen persoonlijke ongelukken.

Maandag 9 april 1945

‘s Avonds zes uur, aanval door zes Amerikaanse bommenwerpers met honderden splinterbommen op de omgeving van Duistervoorde. Grote schade werd aangericht in de Doornweerdstraat. Hier werden een bewoonster en een heer uit Leiden dodelijk getroffen. Een andere bewoonster raakte door een scherf in het bovenbeen ernstig gewond. Terwijl Luchtbeschermingsdienst en Geneeskundige Dienst, benevens de buren hulp, verleenden, volgde plotseling een tweede, hevige aanval. Hierbij werden Eeuwen van de Geneeskundige Dienst, Slotman van de Blok-ploeg en Degger van de Hulppolitie dodelijk getroffen. Eerste verband werd aangelegd bij twee meisjes, twee dames en een jongen, alle vier met scherfwonden in de benen, en aan een vrouw met een slagaderlijke bloeding. Verder aan een man, die door bomscherven over het gehele lichaam zeer ernstig getroffen werd. De ernstig gewonde slachtoffers werden naar Apeldoorn vervoerd. Ook de directe omgeving van de R.K. Kerk werd getroffen en er vielen vier dodelijke slachtoffers, waaronder een jong meisje. Ernstig gewonden werden naar het ziekenhuis te Apeldoorn vervoerd. Zware schade werd aangericht aan de R.K. School, café Driessen en de boerderij van Havekes De Keukenkamp, de villa Vredelust en alle huizen in de Doornweerdstraat.

Maandag 9 april 1945

Dinsdag 10 april 1945

Granaatvuur op Twello van de overzijde van de IJssel, vermoedelijk gericht op Duits geschut en stellingen. De heer Lukas, oud-gemeente secretaris en de schilderspatroon Veen werden dodelijk getroffen.

Woensdag 11 april 1945

Voortdurend aanvallen van raketbommenwerpers en granaatvuur op Twello vergden vele doden. Op Schadewijk werden getroffen, drie leden van het gezin Lammers en van het huis er naast Klein Schadewijk, de heer Grooters. ‘s Middags ongeveer 17.45 uur granaatvuur en inslag bij de familie op Schadewijk te Twello. Moeder en zoontje van 11 jaar oud en grootmoeder op slag gedood. De heer des huizes werd zwaar gewond. Twee E.H.B.O.’ ers, mevrouw Ter Heurne en mejuffrouw H. Winterman verleenden eerste hulp. Toen de dokter op de plaats van het ongeluk kwam, was patiënt voor vervoer gereed. Om 21.20 uur, in het koetshuis op het landgoed van de familie Ankersmit, waar patiënt onder hevig granaatvuur door beide genoemde E.H.B.0.’ers en twee heren van de Luchtbeschermingsdienst was heengebracht, brak door aanhoudend hevig granaatvuur brand uit. Patiënt kwam hierbij jammerlijk om. (Verslag Mevrouw Ter Heurne, aanvulling A.W. Peet) Bij het naderen der Canadezen op 11 april, onder hevig granaatvuur en gehuld in een rookgordijn, zodat geen mens bovengronds kon leven, kwam tot mij het bericht, onmiddellijk te komen, daar een ernstig gewonde wachtte op hulp. Met levensgevaar ging ik er heen en vond de ongelukkige buitenshuis liggen met een stukgeslagen scheenbeen dadelijk onder de knie. Toen ik erbij kwam was de bloeding haast afgelopen, omdat hij te laat gevonden werd. De pols was nog goed regelmatig. Nadat een knevelverband was aangelegd, droegen wij de gewonde naar de kelder. Dokter Bosgieter was inmiddels aangekomen. De broekspijp werd losgeknipt en een snelverband werd aangelegd, waarna wij het been hebben gespalkt. Daar het vervoer onmogelijk was, moest de patiënt thuis blijven, waar hij de volgende dag is overleden. (Verslag Mejuffrouw H. Winterman). Op dezelfde dag werd ook het huis van de familie Jansen (van de melkboer) aan de Wilpseweg (nu H.W. Iordensweg) getroffen en raakte zwaar beschadigd. Een buurmeisje kwam hierbij om het leven. De bommen waren bedoeld voor huize De Steltenberg, waar de Wehrmacht geschut had geplaatst. Waren de bommen daadwerkelijk hier neergekomen, dan waren er aanzienlijk meer slachtoffers gevallen, daar er in het huis bejaarden van een Apeldoornse Stichting waren ondergebracht.

Woensdag 11 april 1945

Vrijdag 13 april 1945

Enige personen die de vorige dag door granaatvuur gewond raakten, werden door de Gem. Luchtbeschermingsdienst geholpen en via het Canadese Noodhospitaal te Wilp naar de ziekenhuizen aan de overzijde van de IJssel vervoerd. De Canadezen, die de vorige avond waren doorgestoten tot aan de vleeswarenfabriek van Linthorst, zetten ‘s morgens van daar uit een offensief in, in de richting Apeldoorn. Hierbij ontstonden gevechten in de Wilpse Achterhoek even buiten Twello. ‘s Middags ongeveer drie uur kwam de heer G.J. Harleman (van beroep rietdekker) te Wilp aan de post Gem. Luchtbescherming om hulp vragen voor zijn buren, , waar door een granaat inslag doden en gewonden gevallen waren, een ploeg van 5 man bestaande uit dokter Engel, dokter Bosgieter, de chauffeur van de ziekenauto, H. Oude Nijhuis en de E.H.B.0.’ers, Schaap en Nijhuis rukten uit en slaagden er in onder hevig vuren de woning van Harleman te bereiken. Na dat de woning van de buren bereikt was, werd de eerste hulp verleend en kwam er hulp opdagen in de vorm van enige Canadese Rode Kruissoldaten, die er in slaagden vlak bij te komen. Twee ernstig gewonden werden hierin geladen en weggevoerd, maar even later werden de hulpverlenenden van twee kanten met machinegeweren beschoten. De schuur achter de woning werd in brand geschoten, en zelfs binnen was men niet veilig. Harleman probeerde te vluchten, maar werd zoals later bleek, getroffen. Schaap en Nijhuis wisten zich door plat op de grond te gaan liggen, voorlopig te dekken. Harleman, die door twee schoten zeer ernstig gewond was, werd door Nijhuis verbonden, en ondanks het vuur slaagden zij er in de ernstig gewonde naar zijn huis te vervoeren. De hier aanwezige doctoren achtten onmiddellijke overbrenging naar het ziekenhuis noodzakelijk en nadat Oude Nijhuis de wagen had gebracht, ging het naar het ziekenhuis, onder hevig granaatvuur, in de richting Twello. De heer Harleman is evenwel aan de bekomen verwondingen overleden. Hij viel als slachtoffer van zijn burenplicht. Een granaatinslag op het Molenveld deed het huis van de familie Doornebosch in vlammen opgaan. Tijdens de gevechten van de bevrijding: Eerste hulp verleend aan twee heren, beiden door een granaatsplinter getroffen; deze slachtoffers werden naar een Canadees hospitaal vervoerd. Eerste hulp verleend aan een man, door granaatscherven ernstig aan de voet gewond, en aan een evacuée, die door een schot in de buik getroffen was. In de eerste dagen na de bevrijding, toen er nog geen ziekenauto was, werd nog 22 maal hulp verleend aan zieken, welke vervoerd moesten worden naar Deventer, Apeldoorn, Zutphen en Almelo. Toen in de eerste dagen na de bevrijding nog geen burgerverkeer over de IJssel mogelijk was, werden door Nijhuis inlichtingen ingewonnen te Deventer en te Zutphen omtrent vermisten en gewonden. Daartoe werd hem als E.H.B.O.’er, door de geallieerde autoriteiten een reispas ‘Civil Affairs’ verstrekt.